Kerkelijk leven 17de eeuw


Sinds 1625 is Dionysius Spranckhuysen predikant te Delft. Tot zijn sterven toe in 1650 is hij daar gebleven. Spranckhuysen was een eenvoudig Schriftuurlijk- bevindelijk prediker. Hij schreef een boek over de schepping van de wereld en de schepping van de mens. Een practicaal geestelijk boekje verscheen onder de titel: "Geestelijke balsem voor een zieke ziel". De belangrijkste boeken van hem zijn: "Geestelyke Bataille tegens de laetsten vyandt den Doot" (1647) en "Geestelijcke Triumphe over den laetsten vyandt, den Doot" (1648). Sprankhuysen was Oranjegezind. Hij zag Gods wondere bemoeienis met ons land in de prinsen van het huis van Nassau. Er wordt van Dioinysius een goed getuigenis gegeven: "Naast de tere vreze Gods, was hij begaafd met een bijzondere welsprekendheid, zodat hij als het ware niet sprak, maar de zaken placht te schilderen voor de ogen; zoveel woorden, zoveel taferelen. Het Woord Gods leefde in zijn mond en het tweesnijdend zwaard had aldaar zijn rechte snede. En daarbij was zijn eerwaardig voorkomen zo sprekend, dat hij sprak zonder te spreken......Hij stelde altijd met nadruk, dat de vreze des Heeren het beginsel is der wijsheid. Zonder dat is het zout smakeloos en moet alle wijsheid stinken.

Geleerdheid zonder Gods vreze is maar verkeerdheid en hoe groter dat ze is hoe meer kwaad dat ze doet. Het heerlijkste sieraad van alle wetenschap en als een parel in het goud, is de vreze Gods.

Hij getuigde veel van zijn gewillig en bereid gemoed, dat verlangde te sterven. Die ure, zo zei hij, zal mij niet onbereid overvallen. Niettemin was hij bij zichzelf niet rechtvaardig. Met ontroering sprak hij over zijn zonden en zwakheden, waarover hij niet alleen aan God vertoonde een gebroken hart, maar ook vernedering voor mensen. Maar hij wist in Wien hij geloofde. Hij had zijn consciƫntie in Gods schoot uitgestort, voor Zijn ogen gezocht te wandelen en was bereid in Zijn hand zijn ziel te geven."

Ds. A. van Heteren (Bewaar het Pand 2009)