Hoe lees ik de Bijbel?

"Een Moorman, die vol bekommernis over zijn eeuwige zaligheid, gezeten was op zijn wagen en een arm verslagen zondaar in de tempel, konden, door Gods genade, met horen of lezen in één uur veel meer voordeel doen tot hun bekering en zaligheid van hun zielen, dan de dwaze maagden met al hun schone boeken en helder lichtende genademiddelen"

(Theodorus van der Groe)


Kritiek op de Bijbel.


Sinds de 19de eeuw hebben we te maken met de Schriftkritiek. Het begon met kritiek op de 5 boeken van Mozes. Men rekende af met het idee dat deze hoofdstukken daadwerkelijk allemaal door Mozes geschreven zijn. Het alternatief werd de zogenaamde bronnenhypothese. Voor deze hypothese had men verschillende argumenten, zoals: het gebruik van verschillende namen voor God, de vrijwel identieke verhalen die steeds terugkeren, maar dan met andere personen (de zgn. doubletten) , verschillen in stijl (gebruik van verschillende namen voor dezelfde plaats) en theologie (mensvormige wijze spreken over God tegenover transcendente wijze spreken over God). Hoewel deze argumenten grotendeels weerlegd zijn, werd het Schriftgezag door dit alles ernstig aangetast. De theoloog Harry Kuitert ging zo ver dat hij zei: alle spreken over Boven, komt van... beneden. We hebben in de Bijbel hoogstens een bundel inspirerende verhalen. De argumenten van de historisch-kritische methode worden gepresenteerd, zonder dat er sprake is van een redelijke wetenschappelijke onderbouwing. De uitkomsten zijn zeer tegenstrijdig en speculatief van aard (Moerkerken).

Spinoza
Spinoza

Toch heeft deze omgang met de Schrift een kaalslag in de kerk van Nederland teweeggebracht. Als de teksten niet meer gezaghebbend zijn hoeven we er dus ook geen rekening mee te houden.

Het geloof zegt echter dat dit Woord niet is gezonden, noch voortgebracht door de wil van mensen, maar mensen, van de Heilige Geest gedreven zijnde, hebben het gesproken.


De Bijbel is het Woord van God.

"Al de Schrift is van God ingegeven" (2 Tim. 3: 16)


De Bijbel ziet zichzelf als het door God geïnspireerde Woord. Dit noemen we het zelfgetuigenis van de Schrift. Zij komt ons ook betrouwbaar voor.

De reformatoren kende aan de Bijbel 4 eigenschappen toe, namelijk:

1. Ze is noodzakelijk als bron van Gods openbaring,

2. Ze is duidelijk in de hoofdzaken van het  geloof d.w.z. niet gebonden aan de uitleg van de kerk of theologen,

 3. Volkomen, d.w.z. hoeft niet aangevuld te worden door de traditie, en

4. Ze is gezaghebbend om onze leer en ons leven ernaar te reguleren.


De Bijbel is een eenheid.

"En begonnen hebbende van Mozes en van al de profeten, legde Hij hun uit, in al de Schriften, hetgeen van Hem geschreven was" (Lukas 24: 27).

De Bijbel is in een periode van duizend jaar geschreven door verschillende mensen, met verschillende achtergronden en toch een eenheid. Er is 1 Goddelijke Auteur die van vele menselijke auteurs gebruik heeft gemaakt. We mogen niet gaan scheiden in de menselijke factor en  de goddelijke factor. We moeten de Schrift in geloof aanvaarden als een eenheid.

Het is geen boek van religieuze ervaringen, waarin mensen vertellen hoe zij God zien, maar het is het boek waarin God,  in menselijke woorden openbaart wie Hij is.

Het is Goddelijke Bijzondere Openbaring en bevat een heilsboodschap.  Het Goddelijk raadsplan met de mens, de schepping en de herschepping wordt erin ontvouwd.

Onderscheid Oude en Nieuwe Testament

Volgens de NOS bestaan er  'Oudtestamentische christenen' oftewel 'fundamentalisten', en 'nieuwtestamentische christenen' of 'evangelische' die minder waarde hechten aan de teksten en voorschriften uit het Oude Testament. Dit oordeel berust op een misverstand, want het is verkeerd als we een dergelijk onderscheid maken tussen het Oude en Nieuwe Testament. 

Oneffenheden en tegenstrijdigheden in de Schrift?

We mogen oog hebben voor het organisch karakter van het geïnspireerde Woord van God en de onderlinge accenten tussen de Bijbelboeken laten staan. Ieder Bijbelboek staat niet los van een eigen historische context en heeft ook een eigen theologisch motief.  Aansprekend voorbeeld zijn de verschillen tussen de beschrijvingen van dezelfde gebeurtenissen in de boeken Samuel, Koningen en Kronieken. De evangeliën (vier beschrijvingen van het leven van Jezus), hebben ook elk een eigen bedoeling, perspectief en doelgroep. 

Hoewel gebaseerd op feitelijke gebeurtenissen, (schepping, heilsfeiten etc.) is het goed om vast te houden dat de Bijbel, geen geschiedenisboek is. De Bijbel spreekt ook geen wetenschappelijke taal, maar geeft de ervaringswereld weer.


 De Bijbel vertelt Gods handelen in de geschiedenis.

"En indien Christus niet opgewekt is, zo is uw geloof tevergeefs, zo zijt gij nog in uw zonden. Zo zijn dan ook verloren, die in Christus ontslapen zijn" 1 Kor. 15: 17, 18

Is het allemaal wel echt gebeurd? Moeten we het niet symbolisch opvatten? Bijvoorbeeld de bovennatuurlijke gebeurtenissen. Sinds de Verlichting worden bovennatuurlijke gebeurtenissen niet meer aanvaard, omdat ze in strijd zijn met de natuurwetten. We kunnen alleen iets weten als we het zintuigelijk kunnen waarnemen. Vandaar dat  'moderne theologen' nieuwe interpretaties aan de Bijbelteksten en de bovennatuurlijke gebeurtenissen gaven. We mogen echter de bovennatuurlijke gebeurtenissen (schepping of de heilsfeiten), niet schrappen of anders gaan interpreteren. Ze hangen samen met de totale waarde en betekenis van het christelijke geloof.


Wat kunnen we er vandaag mee? De cultuur van de Bijbel verschilt immers hemelsbreed met de onze.

Moderne theologen zoals Harry Kuitert (1924-1917) zeggen dat men aan de Bijbel geen normen kan ontlenen. De Bijbel is "voor het verhaal en niet voor de moraal". Echter volgens 2 Tim. 3: 16 is "al de Schrift van God ingegeven, en nuttig tot lering, tot wederlegging, tot verbetering, tot onderwijzing, die in de rechtvaardigheid is". De kanttekeningen wijzen erop dat het hier gaat om uit Heilige Schrift te leren wat recht en onrecht is, hoe men matig, rechtvaardig en godzalig kan leven in deze wereld.

Het Oude en Nieuwe Testament hebben elk een eigen historische context. Tegelijkertijd hebben ook de Schriftgedeelten die sterk gebonden zijn aan de historische context ons altijd iets te zeggen ook voor het hier en nu.

De mens is geschapen als verantwoordelijk wezen om ook te zorgen voor de aardse dingen. De Bijbel geeft normen aan die een heilzame uitwerking hebben binnen de samenleving.


Hoe zit het eigenlijk met de passages in voornamelijk het Oude Testament die van geweld getuigen, zoals de opdracht van God aan Israël om de Kanaänitische volkeren uit te roeien (Deuteronomium 7). Er staan bovendien ook veel woorden en daden van goddelozen in de Bijbel.

In verband met het moslimextremisme stellen velen vragen op dit gebied. Lang niet alles wat in de Bijbel beschreven staat is ter navolging bedoeld. God heeft ons er wel iets mee te zeggen, namelijk tot waarschuwing. Gods toorn over de zonde is verschrikkelijk. Hij zal eenmaal alle goddelozen (d.w.z. al degenen die niet door het bloed van Zijn Zoon  verzoend zijn) van de aarde verdelgen. In Zijn vrijmacht verkoos hij het volk Israël om daarin het heil en de verzoening te verwezenlijken. De andere volkeren leefden zonder de ware godsdienst, veelal in de grootste goddeloosheid en zedeloosheid. Na de hemelvaart van Christus is het heil universeel geworden voor alle volkeren (alhoewel dit ook al besloten lag in het Oude Testament).


Hoe kan het dat twee theologen een totaal andere uitleg aan een Bijbeltekst geven?

Het gaat erom dat we niet onze eigen mening in de tekst leggen, of gaan speculeren, maar het gaat om het verstaan van de bedoeling van de eerste Auteur: de Heilige Geest.

Regels voor een goede uitleg zijn: Letten op het verband van de tekst, minder duidelijke teksten proberen te verstaan door meer duidelijke teksten die hetzelfde zeggen (Schrift met Schrift vergelijken) Past de uitleg binnen het geheel van de Schrift? (Schriftanalogie). Op deze wijze heeft ook Christus en hebben de apostelen de Schrift uitgelegd. De moderne mens wil de Schrift niet accepteren zoals ze zich voordoet omdat ze haaks staat op het moderne levensgevoel.



Bij 't openslaan van 't Boek der boeken
gedenk, o christen! dag aan dag,
dat wie dat Woord wil onderzoeken,
geen eigen licht vertrouwen mag.
Geen mensenwijsheid zou hier baten,
geen vlijtige arbeid hier volstaan;
alle eigenwijsheid dient verlaten -
een ander oog moet opengaan.
Voor dat ge u dan begeeft tot lezen,
val, Christen! val uw God te voet!
en dat een heilig, heilzaam vrezen
zich meester maak' van uw gemoed!
Vraag, eer gij verder gaat, een zegen!
Vraag ogen, oren en een hart!
En - Jesus-zelve kome u tegen
in dit Zijn woord bij vreugd en smart.

ISAÄC DA COSTA (1798-1860)